I.P.B. op de Gooise Scholen FederatiePraktijkverhaalEr zijn diverse mogelijkheden om docenten in te schalen in LC (voorheen schaal 11). Lastiger is het om objectieve criteria te formuleren op grond waarvan het verschil tussen een LB- en een LC-functie helder wordt. Eén van de mogelijkheden is het streven naar competentie-beoordeling. Veel scholen kiezen ervoor om bestaande functies (bijv. leerlingbegeleider of coördinator) te "upgraden" naar LC. Een verfrissende kijk op deze problematiek biedt de oplossing van de Gooise Scholen Federatie (GSF). Dit artikel is een weergave van een workshop gegeven door C. van Beest en Y. Kortooms van de GSF op een studiedag "De Onderwijs-organisatie functioneel", 21 april 2004 De docentfunctie is door de GSF beschreven in drie niveaus: LB, LC en LD. Daarbij wordt uitgegaan van de zwaarte van de functie-inhoud. Ook wordt onderscheid gemaakt tussen een vijftal kerngebieden. Schematisch is dat als volgt samen te vatten:
Elk van de vijf kerngebieden kent taken op alle drie de niveaus. Een voorbeeld uit het eerste kerngebied: Een functie kan alleen tot een hogere inschaling leiden wanneer het m.b.t. drie van de eerste vier kerngebieden en het vijfde kerngebied om taken gaat die bij dat inschalingsniveau passen. Een specialistische taak alleen kan niet leiden tot een hoger gewaardeerde docentenfunctie. Louter beheersmatige taken, hoe verantwoordelijk ook, kunnen voor een docent niet tot een hogere functie leiden, uitsluitend studie- en beroepskeuzeadviezen geven evenmin. Er is ook steeds een meerwaarde vereist m.b.t. aan het primaire proces, de onderwijspraktijk, gekoppelde taken. Logisch is dan dat elke docentfunctie, zowel op LB, LC als LD niveau voor een substantieel deel uit lesgeven bestaat. De GSF heeft niet vastgesteld welk deel van de taak nodig is om een hogere inschaling te krijgen. In de praktijk op de scholen is dat minimaal 10 %. |